woensdag 14 augustus 2024

Het ei

1984-2024: 40 JAAR CENTRUM VOOR ARCHEOLOGIE

Archeologische vondsten bestaan heel vaak uit weggegooid afval. Complete en puntgave voorwerpen vinden is vrij uitzonderlijk. Maar uit een 17de-eeuwse beerput op de Hof kwam, tussen de beer en het huishoudelijk afval, wel iets heel bijzonders tevoorschijn: een compleet en intact ei! Hoe overleeft een ei al die eeuwen, zou je denken. Het antwoord zit hem in de beer zelf. De beer (poep) heeft voor een zachte en beschermende bedding gezorgd, waardoor het ei ook later niet beschadigd is geraakt door harde voorwerpen, zelfs niet bij het opgraven! Dat het ei intact is weggegooid is op zich al opmerkelijk. Wellicht was het ei niet meer eetbaar. Of het ei gekookt is geweest of rauw is weggegooid valt niet te achterhalen. Er zit ook niets eetbaars meer in: de hele vulling is weggerot.

Verder lezen? Download het artikel van Timo d’Hollosy in het boek ‘Gespaard verleden‘: https://archeologischcentrum.nl/portfolio/eitje/



vrijdag 9 augustus 2024

Onderaan of bovenin?

Als archeoloog wil ik meteen onder de vloer kijken, maar als bouwhistoricus ga ik liefst meteen naar het dak. Vandaag ben ik allebei.... Begin ik nu dan onderaan... of bovenin?



Onder de vloer Onder het dak




woensdag 7 augustus 2024

De houtspecialist

1984-2024: 40 JAAR CENTRUM VOOR ARCHEOLOGIE

Steentijd, bronstijd en ijzertijd, maar een houttijd? Nee, die kennen we niet. Toch is hout één van de oudste materialen waarmee de mens gewerkt heeft en tot op de dag van vandaag nog steeds werkt. En dat niet alleen: het is verreweg het meest gebruikte.

Hout wordt voor van alles en nog wat gebruikt. Het is bijvoorbeeld het bouwmateriaal voor de skeletten van prehistorische boerderijen en voor middeleeuwse huizen. De mensen maken er allerhande gebruiksvoorwerpen en gereedschap van, zoals speelgoed, biervaten en karrewielen. En het is natuurlijk een belangrijke brandstof. De oudste houten vondst die wij hier hebben is een plank van eikenhout uit de IJzertijd, ongeveer 2500 jaar oud. Het is een onderdeel van een waterput geweest.

Hout is een organisch materiaal, dat in de bodem gemakkelijk vergaat. Ligt het in een natte, afgesloten en zuurstofarme omgeving, zoals een waterput, dan blijft het vaak goed bewaard. Maar veel vaker blijft er niets anders over dan verkleuringen in de bodem, zoals de paalsporen van prehistorische of middeleeuwse boerderijen. Als het hout er nog is, kan de houtspecialist onderzoek doen. Zoals wij een boek lezen, lezen zij het hout: welke gebruikssporen zie je, wat voor hout is het, waar komt het vandaan, wanneer is de boom gekapt en hoe oud was die boom toen?

Verder lezen? Klik hier: https://archeologischcentrum.nl/portfolio/hout/









vrijdag 2 augustus 2024

Dag van het Bier.

Vandaag, vrijdag 2 augustus 2024, is het de Internationale Dag van het Bier. De verkoop van Amersfoorts eigen archeologenbier 'Aagje Blond' gaat hard. Er is al een flink gat in de voorraad geslagen. Aagje Blond is dan ook wel héél erg lekker... 





woensdag 31 juli 2024

Jager-verzamelaars

1984-2024: 40 JAAR CENTRUM VOOR ARCHEOLOGIE

Het grootste deel van onze geschiedenis hebben we doorgebracht als jagers en verzamelaars. Ongeveer 40.000 jaar geleden trokken Neanderthalers hier door de toendra, om te jagen op onder andere mammoeten en wolharige neushoorns. Onderweg verzamelden ze knollen, noten en bessen. Hun gereedschappen waren gemaakt van hout, bot of vuursteen.

Zij werden aan het eind van de laatste ijstijd (ongeveer 12.000 jaar geleden) opgevolgd door rendierjagers. Daarna warmde het klimaat op. In de Midden Steentijd waren er bossen en beekdalen waar gejaagd werd op klein wild en vogels en vissen. Pas zo’n 4.000 jaar geleden vestigen de eerste boeren zich in onze regio en is de periode van de jager-verzamelaars voorbij.

Een deel van die vondsten kan je in onze expositieruimte bekijken. Die is op woensdag- en vrijdagmiddag te bezoeken van 14:00 - 16:30 uur. Verder lezen? Klik hier.

https://archeologischcentrum.nl/portfolio/jagers-en-verzamelaars/



vrijdag 26 juli 2024

TABAKSSCHUREN GEVONDEN AAN DE LAGEWEG | Archeologisch onderzoek Parkweelde III

Bij archeologisch onderzoek aan de Lageweg zijn resten van twee tabaksschuren gevonden. Deze werden gebruikt om tabaksbladeren in te drogen. Van de schuren is boven de grond helaas weinig bewaard gebleven, maar de funderingen waren nog goed zichtbaar. Hierdoor kon worden vastgesteld dat de schuren 9 meter breed en minimaal 23 en 39 meter lang waren. Ze waren niet tegelijk in gebruik; de oostelijke schuur was ouder en werd in de 19e eeuw gesloopt, waarna er een nieuwe schuur iets westelijker werd gebouwd. De oude schuur stond maximaal 50 jaar en de nieuwe schuur maximaal 30 jaar. 

Opvallend is dat beide tabaksschuren smaller zijn dan tot nu toe bekend is van vergelijkbare tabaksschuren in Amersfoort. Er zijn ook resten van een derde structuur en de Lageweg zelf gevonden. Klik op deze link om het onderzoeksrapport Parkweelde III - deelgebied 1 te downloaden


Wil je meer weten over archeologie in Amersfoort? Bezoek dan onze website: Archeologie in Amersfoort

woensdag 24 juli 2024

Opgraving Lieve Vrouwekerkhof

1984-2024: 40 JAAR CENTRUM VOOR ARCHEOLOGIE

Bij de opgraving in 1986 zijn de fundamenten van de Lieve Vrouwekerk en de nog oudere kapel teruggevonden. Bij de nieuwe inrichting van het plein zijn de contouren van de kerk in de bestrating opgenomen. De kerk blijkt schuin op de toren te hebben gestaan. De oude kapel en kerk zijn namelijk precies haaks op de Lieve Vrouwestraat gericht. De toren bij de nieuwe kerk kon niet in de schuine lijn van de kerk worden gebouwd. De toren heeft namelijk dezelfde richting als de hier lopende stadsmuur en gracht. In en rond de kerk werden mensen begraven. In de kerk zijn rond de 90 graven gevonden. En rond de kerk lagen honderden graven. En dan is eigenlijk nog maar een klein deel van het hele plein opgegraven!

De kerk werd na de reformatie niet meer gebruikt voor de eredienst. In 1787 zat Stadhouder Willem V met zijn troepen in de stad en werd de kerk gebruikt voor de opslag van onder andere munitie. De soldaten vulden hier ook bommen en granaten. Daarbij ging iets mis, waardoor er een grote ontploffing was. Het dak van de kerk stortte in en het interieur werd grotendeels verwoest. Een enorme ramp! De laatste resten van de ruïne werden pas in 1845 opgeruimd. Bij de opgraving hebben we meerdere granaatscherven uit die tijd gevonden. Zouden die van de granaat zijn die de ramp heeft veroorzaakt?

 

Verder lezen? Download dan het verslag van de opgraving:

https://drive.google.com/file/d/1w7P579yUpGfD_Q4wn865p9nGNAFVBQEO/view?usp=sharing

Je kan ook een korte video over deze opgraving bekijken:

https://drive.google.com/file/d/1-8nQG1rovr20vRyKZVj6Rk6oSKj4boXc/view?usp=drive_link

woensdag 17 juli 2024

Heel veel eikels

1984-2024: 40 JAAR CENTRUM VOOR ARCHEOLOGIE

De verkoolde eikels op de foto stammen uit de Bronstijd, rond 1500 v. Chr. Het is slechts een klein gedeelte van de totale vondst: die is namelijk geschat op zo’n 20.000 stuks. Eikels zijn heel voedzaam. Brood bakken, bier brouwen, schnaps stoken, koffie maken én de varkens voeren: het kan allemaal. Maar, voordat wij ze als mensen kunnen eten, moeten ze eerst geroosterd worden. Bijkomend voordeel is dat je geroosterde eikels beter kunt pellen, malen en bewaren. De Amersfoortse eikels zijn verbrand en ongepeld. Het lijkt erop dat er tijdens het roosterproces iets faliekant misgegaan is!



Tip: klik op de foto van het krantenartikel om het te lezen. 

Verder lezen? Download het artikel van Francien Snieder in het boek ‘Gespaard verleden’.

https://drive.google.com/file/d/1b70Y5kiUn8mgS-Oe2Pwpdiore4ggZvp8/view?usp=sharing

woensdag 10 juli 2024

De Romeinse kom

1984-2024: 40 JAAR CENTRUM VOOR ARCHEOLOGIE

Archeoloog Francien Snieder vertelt er graag over: "Het komt nogal eens voor dat mensen vragen naar mijn mooiste vondst. Altijd geef ik dan als antwoord: de Romeinse drinkschaal voor wijn waarin de Germanen crematieresten hadden begraven. 

Het was laat in de middag en het begon al een beetje te schemeren, toen ik voor die dag de laatste hand legde aan de opgraving aan de Emiclaerseweg in Hoogland. Nog een klein stukje het vlak opschaven en tekenen, dan zou het erop zitten voor die dag. Bij het met de schep schaven van het zandige oppervlak kwam een scherf tevoorschijn. Van een bloempot, dacht ik. De scherf, glad en roodoranje van kleur, lag heel dicht onder het oppervlak. Hier had tot voor kort een boer zijn land bewerkt. De gedachte aan een bloempot was dus niet zo heel vreemd. Maar het was toch wel een héél glanzende scherf en het idee rees dat het om Romeins, zogenaamd terra sigillata aardewerk ging. Uiteindelijk bleek het een vrijwel complete kom te zijn die tot de rand toe gevuld was met verbrand bot."


Romeins aardewerk wordt sporadisch gevonden ten noorden van de Rijn, de grens van het Romeinse Rijk. Door handel met de inheemse Germaanse bevolking is de kom, door de Romeinen gebruikt om wijn uit te drinken, hier terecht gekomen. Het fraaie aardewerk stak af tegen de eenvoudige potten die men zelf vervaardigde en werd juist daarom gebruikt als urn. De pottenbakker van de kom kennen we, want zijn naamstempel staat er op: CRICERO. Van hem is bekend dat hij rond 200 na Christus in Trier werkzaam was.

Francien: "Die dag reed ik met een brede glimlach over de A1 naar huis in Amsterdam; bijna had ik mijn kind vergeten van de crèche in Amersfoort te halen."

Verder lezen? Download het artikel van Timo d’Hollosy in het boek ‘Een maand op zicht’:

https://archeologischcentrum.nl/portfolio/de-romeinse-kom-met-een-dode-germaan/

 

woensdag 3 juli 2024

De specialist aardewerk

1984-2024: 40 JAAR CENTRUM VOOR ARCHEOLOGIE

De specialist aardewerk

In de afgelopen 40 jaar hebben we meer dan 100.000 stukken aardewerk opgegraven. Meestal zijn het scherven, maar soms zitten er ook min of meer complete voorwerpen bij.

Bij ons in de regio dateert het oudste aardewerk uit de Late Steentijd. Het is een urn, gebruikt om de as van een overledene in te bewaren. Later, rond de IJzertijd, komen er potten, schalen en kommen. Die worden allemaal gemaakt van klei uit de directe omgeving. In de Middeleeuwen komen daar borden, drinkbekers van steengoed, potten, grapes (een kookpot op 3 pootjes), kruiken en vetvangers bij.

Aardewerk vormt voor archeologen een belangrijke bron van informatie. Want stijl, versiering en techniek veranderen in de loop van de tijd. Dat helpt bij de datering van het materiaal. En dat is weer belangrijk om een vindplaats of grondlaag te dateren.

Alle scherven worden gewassen, gesorteerd, geregistreerd en vervolgens ingedeeld op bakselgroep. Daarbij kijken we naar kleisoort, productiewijze, herkomst en datering. Dan wordt het puzzelen en proberen we de scherven, voor zover mogelijk, als voorwerp te identificeren en vast te stellen hoe het ooit gebruikt is. Met die informatie kunnen we steeds weer een stukje uit ons verleden reconstrueren. Restaureren doen we, als het even kan, wel. In passende kleur vullen we de ontbrekende delen op. En altijd zo dat je kunt zien wat origineel is en wat niet. Eenmaal gerestaureerd kan het voorwerp tentoongesteld worden. In onze expositieruimte is dan ook heel veel aardewerk te bewonderen!

Verder lezen? Klik hier: https://archeologischcentrum.nl/portfolio/aardewerk/